U hebt al kunnen lezen dat toen de aangepaste verordening weer
terug kwam op de agenda van de commissievergadering van oktober, de
PvdA verbaasd was over de uiterste inschrijfdatum van 1 april in de
overgangsregeling.
Volgens het college was het niet echt nodig om kritische te
kijken naar die datum. Wij dachten daar echter anders over. Als er
gemeenschappelijk sociale huisvesting geregeld gaat worden in de
regio en er met één matchsysteem gewerkt gaat worden, dan moet de
uiterlijke inschrijfdatum in alle gemeente hetzelfde zijn. Het
voordeel om tot 1 april in te kunnen schrijven, bleek echter een
onoverkomelijk nadeel te zijn: namelijk in een andere gemeente zou
de inschrijfduur dan niet gelden.
Door onvoorziene omstandigheden lukte het college het niet om
onze schriftelijke vragen hieromtrent eerder te beantwoorden dan op
de dag van de raadsvergadering zelf.
Als bijlage is de beantwoording toegevoegd.
Toen bleek dat het college met ons van mening was dat in de
regio slechts één uiterlijke inschrijfdatum kan gelden, wisten wij
dat de overgangsregeling goed geregeld was in de verordening, maar
hadden we nog een ander punt.
Wij hebben in de commissievergadering in oktober van het
college vernomen dat dit college geen huisvestingsbeleid heeft voor
de groep mensen die nu niet meer gebruik kunnen maken van de
sociale huurwoningen omdat er een nieuwe inkomensgrens is: namelijk
die van €33.614.
Wij vonden dat bijzonder omdat vooral mensen - met lage
middeninkomens (€33.614, - tot €43.000, -) minder vaak een sociale
huurwoning krijgen toegewezen. Het is voor ouderen, chronisch
zieken en gehandicapten nu moeilijker geworden om door te stromen
naar een passende woning. Tegelijkertijd is het voor starters op de
woningmarkt – mede door aangescherpte
hypotheekeisen - moeilijker geworden om een betaalbare woning
te vinden en zelfstandigen met onzekere en/of wisselend inkomen
kunnen moeilijker terecht op de koopmarkt en particuliere
huurmarkt.
Wij willen daarom wel dat onze gemeente aandacht heeft voor
deze groep in ons huisvestingsbeleid.
Het is echter zo dat de inkomensgrens van €33.614 door het
Rijk is vastgelegd en te maken heeft met regelgeving vanuit
Europa.
Om meer ruimte te creëren voor de groep mensen met een inkomen
tussen de €33.614 en €43.000, - en als een inkomensgrens
noodzakelijk mocht zijn, is een grens van € 43.000, -
wenselijk.
Wij hebben in onze motie het college verzocht aan de VNG en de
Tweede Kamer kenbaar te maken dat lagere middeninkomens in
Enkhuizen onvoldoende mogelijkheden hebben om een betaalbare woning
te vinden en te pleiten bij de VNG en de Tweede Kamer om de
inkomensgrens voor sociale huurwoningen op te trekken naar €43.000,
-
De verordening werd aangenomen, onder de toezegging dat onze
gemeente aandacht blijft houden voor de groep mensen met een
inkomen boven €33.614, - en naar creatieve oplossingen zoekt. Ook
de motie werd aangenomen.